Afvallen

Hoe nauwkeurig is de BMI-calculator?

Enkel een BMI-tabel is mogelijk niet de meest nauwkeurige maatstaf voor een gezond gewicht. Maar voor de meeste mensen is het wel een goed uitgangspunt.

Wat is BMI?

 

Je Body Mass Index, of BMI, geeft de verhouding weer tussen je gewicht en je lengte en wordt gebruikt om in grote lijnen te kijken of je gewicht een risico vormt voor jouw gezondheid.

Met onze BMI-calculator hieronder bereken je jouw BMI, die de geschatte hoeveelheid vet in je lichaam weergeeft.1

Wat is jouw BMI? Bereken het in een paar seconden.

Je score valt in een van de volgende categorieën: ondergewicht, gezond gewicht, overgewicht, obesitas of morbide obesitas. Als je in de categorie overgewicht of obesitas valt, loop je meer risico om bepaalde ziekten te krijgen, bijvoorbeeld diabetes type 2, sommige soorten kanker en ademhalingsproblemen tijdens de slaap (apneu).2

Het is bewezen dat je met een hoger percentage lichaamsvet meer kans hebt om bepaalde ziekten te ontwikkelen, zoals hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk, diabetes type 2, ademhalingsproblemen, sommige soorten kanker, en een hoger risico loopt om vroegtijdig te overlijden.3, 4, 5

Bij ondergewicht is je gewicht lager dan dat algemeen als gezond wordt beschouwd bij een bepaalde lengte. Dit kan wijzen op onderliggende medische aandoeningen of een eetstoornis, en zorgt voor een hoger risico op bijvoorbeeld botontkalking.

Maar kunnen we echt vertrouwen op BMI?

Uit sommige onderzoeken zou blijken dat BMI specifieke beperkingen kent. Zo is het volgens dr. Frank Q. Nuttall, die in 2015 een onderzoek publiceerde in Nutrition Today, "steeds duidelijker dat BMI een slechte indicator is van het percentage lichaamsvet".6

 

BMI en vetverdeling

 

Nuttall constateerde dat BMI "geen informatie geeft over de vetmassa in verschillende gedeelten van het lichaam". 

Dit is een belangrijke variabele tijdens het analyseren van de gevolgen van overmatige vetophoping voor de stofwisseling en het sterftecijfer. Waarom? Een opeenhoping van vet in en rond je buik wordt geassocieerd met een verhoogde kans op hart- en vaatziekten en diabetes type 2.

 

Visceraal vet, of buikvet, is het vet rond je organen in de romp en buik. Als zich hier vet ophoopt, kan dit niet alleen leiden tot diabetes type 2 en een verminderde gevoeligheid voor insuline, maar ook tot een verhoogde kans op hart- en vaatziekten en een hoge bloeddruk.7

De ene persoon heeft bijvoorbeeld een hoop vet rond zijn middel, maar dunne benen, terwijl iemand anders evenveel vet heeft, maar dan evenwichtiger verdeeld over zijn of haar lichaam. Beiden hebben dezelfde BMI, maar de eerste persoon loopt mogelijk een groter gezondheidsrisico.

Het kan ook zijn dat je te veel buikvet hebt, maar je BMI toch in de categorie 'gezond gewicht' valt.8

 

BMI en gezondheidsrisico's

 

Twee mensen met precies dezelfde BMI-score kunnen als gevolg van erfelijkheid, leefstijl en omgeving toch heel verschillende gezondheidsrisico's lopen. Dit is een van de redenen dat het gebruik van BMI zo omstreden is.9, 10 ,11

Voor een volledige analyse van het gezondheidsrisico is een klinische evaluatie nodig waarbij wordt gekeken naar BMI, verdeling van het lichaamsvet, middel-heup-ratio, gezondheidstoestand en familiegeschiedenis.

Ook roken, alcoholmisbruik en ernstige psychische stoornissen spelen een rol, net als hoe lang je al obesitas hebt, sinds wanneer de obesitas een probleem is en of het probleem hetzelfde blijft of erger wordt.12

 

BMI en spiermassa

 

De BMI van mensen met veel spieren en weinig vet (bijvoorbeeld bodybuilders en atleten, zoals boksers en voetballers) kan in de categorie 'obesitas' vallen, zelfs al zijn ze fit en gezond.

Neem bijvoorbeeld twee vrouwen van dezelfde leeftijd, hetzelfde gewicht en dezelfde lengte. De een is zeer actief met een laag percentage lichaamsvet en veel spiermassa, terwijl de ander een zittend leven leidt, met een hoog percentage lichaamsvet en weinig spiermassa. Beide vrouwen kunnen dezelfde BMI-score hebben, ook al hebben ze allebei een compleet andere lichaamssamenstelling.13

Mannen hebben meestal een lager percentage lichaamsvet en meer spiermassa dan vrouwen. En omdat mensen vaak spiermassa verliezen naarmate ze ouder worden (doordat ze minder actief zijn), kunnen ze toch in de categorie 'gezond gewicht' vallen, ook al hebben ze te veel vetweefsel.14 

Dit wijst erop dat BMI mogelijk niet een universele maat voor gewichtsgerelateerde gezondheidsrisico's is.

 

BMI blijft de beste indicator voor gewichtsgerelateerde gezondheidsrisico's

 

Desondanks blijft BMI op populatieniveau de beste indicator voor gewichtsgerelateerde gezondheidsrisico's vanwege de schaalbaarheid en toegankelijkheid. Het is een simpele berekening op basis van eenvoudige meetwaarden (lengte en gewicht) die relatief eenvoudig te begrijpen is.15, 16

Overige methodes om de lichaamssamenstelling te meten, zoals bio-elektrische impedantie-analyse, botdichtheidsmeting, huidplooimeting en weging onder water, zijn vaak kostbaar, ingrijpend, lastig uitvoerbaar en vereisen hoogopgeleid medisch personeel.17

Volgens Tim Cole, hoogleraar medische statistiek aan University College London Great Ormond Street Institute of Child Health, is BMI "nog altijd zeer belangrijk".

En professor Naveed Sattar, van de University of Glasgow, zegt: "Het werkt voor het grootste gedeelte van de tijd voor het grootste deel van de mensen. Als twee mensen even lang zijn en de één een BMI van 25 heeft en de ander een BMI van 40, dan komt dit door te veel lichaamsvet."18

In essentie is BMI voor de meeste mensen een goed uitgangspunt. 


Sources

1. Mean Body Mass Index, Global Health Observatory (GHO) data

2. Young T, Peppard PE, Gottlieb DJ. Epidemiology of obstructive sleep apnea: a population health perspective. Am J Respir Crit Care Med. 2002;165(9):1217-1239.

3. Nguyen NT, Magno CP, Lane KT, et al. Association of hypertension, diabetes, dyslipidemia, and metabolic syndrome with obesity: findings from the National Health and Nutrition Examination Survey, 1999 to 2004. J Am Coll Surg. 2008;207(6):928-934.

4. Keum N, Greenwood DC, Lee DH, et al. Adult weight gain and adiposity-related cancers: a dose-response meta-analysis of prospective observational studies. J Natl Cancer Inst. 2015;107(2): djv088.

5. Young T, Peppard PE, Gottlieb DJ. Epidemiology of obstructive sleep apnea: a population health perspective. Am J Respir Crit Care Med. 2002;165(9):1217-1239.

6. Obesity, BMI and Health: A Critical Review. Frank Q. Nuttall, MD, PhD (2015).

7. Ibid.

8. Why you should stop measuring your BMI to find out if you're healthy. The Independent (2017). 

9. Faith MS, Kral, TVE. Social environmental and genetic influences on obesity and obesity-promoting behaviors: Fostering research integration. (2006). University of Pennsylvania School of Medicine.

10. Obesity Risk Factors: National Heart, Lung and Blood Institute. 

11 NHLBI. 2013. Managing Overweight and Obesity in Adults: Systematic Evidence Review from the Obesity Expert Panel.

12 Nuttall (2015).

13 The Independent (2017).

14. Can we trust BMI to measure obesity? BBC (2018).

15. U.S. Preventive Services Task Force. Screening for obesity in adults: recommendations and rationale. Ann Intern Med. 2003 Dec. 2; 139 (11):930-2.

16. Wolin KY, Carson K, Coldotz GA.. Obesity and Cancer. Oncologist. 2010;15:556-565.

17. Wolin KY, Carson K, Coldotz GA.. Obesity and Cancer. Oncologist. 2010;15:556-565.

18. BBC (2018).